INTRODUCTIE   BIOGRAFIE   OEUVRE   BOEK   INTERVIEW   STICHTING   CONTACT
Laatste cowboy onder de Limburgse schilders
levenskunst
Hans Coumans, markante vrije kunstschilder uit het Bourgondische Heuvelland, genoot in de 2e helft van de 20e eeuw bekendheid als schilder van het Zuid-Limburgse leven, van het unieke heuvellandschap als de typische volkscultuur. Hans Coumans was een vrij mens, een vrijdenker, artistieke vrijbuiter en maatschappelijk activist. Hij koesterde een hartstochtelijke liefde voor het leven, wat tot uitdrukking kwam in een legendarisch bruisende levenskunst en virtuoze kunst van het schilderen. Reeds in zijn tienerjaren had hij zich radicaal vrijgevochten van de gevestigde maatschappelijke orde en uiteindelijk een status als autonoom kunstschilder verworven. In het Sittards Stadsjournaal in 1986 affichieerde hij zichzelf, enkele maanden voor zijn plotselinge overlijden op 43-jarige leeftijd, als 'laatste cowboy onder de Limburgse schilders', omdat hij in tegenstelling tot andere Limburgse kunstenaars (uit eergevoel) nooit aanspraak had gedaan op een financiële toelage vanuit overheidswege. Gedurende zijn hele leven bleef Hans Coumans uitsluitend trouw aan het impressionisme, in een periode dat de abstracte kunst in de 'mode' was, en ontwikkelde hij een eigen 'levendige' variant, het Coumansisme, waarmee hij gestalte gaf aan zijn persoonlijke, zeer expliciete emotionele verbintenis met de wereld - de natuur, de mens, de maatschappij. Vooral de (latere) natuurmotieven zijn de getuigenissen van zijn hartstochtelijke liefde voor het leven en excelleren door een onderscheidende elegantie.
Coumansisme
schilderkunst
Het Coumanisme, het enige 'isme' waar Hans Coumans fervent aanhanger van was, onderscheidt zich als een 'levendige' variant van het impressionisme door de vlotte en spontane (ongekunselde) benadering. Als bewust selfmade schilder was hij zeer productief, en ofschoon hij slechts een leeftijd van 43 jaar bereikte, realiseerde hij uiteindelijk een omvangrijk artistiek oeuvre van in elk geval 1700 (getraceerde) volwassen werken. Naast landschappen en dorpsgezichten vervaardigde hij decoratieve muurschilderingen (veelal van het Limburgse landschap in de diverse établissementen), stillevens, portretten en snelportretten, als ook geregeld kritische werken, waarmee hij op boeiende wijze verslag doet van de tijdsgeest en maatschappelijke thema's uit die tijd portretteert. Vermoedelijk is de aanname van 3500 werken realistischer, aangezien een substantieel deel van zijn werkzaamheden bestond uit het maken van snelportretten op de talrijke jaarlijkse Limburgse feesten, markten en braderieën - dat was volgens de schilder feitelijk de hoofdbron van inkomsten - maar waarvan weinig is teruggevonden.

Met dit Coumansisme leverde Hans Coumans binnen de discours in de kunstwereld fel kritiek op het mainstream (officiële) abstracte en conceptuele paradigma en pleitte hij voor volledige vrijheid in de kunsten. Op dat moment vond zijn pleidooi geen weerklank in de kunstwereld, maar de academische vrijheid zou zich gaandeweg, rond de eeuwwisseling, als gevolg van de verder evoluerende conceptuele kunst, aandienen. Hans Coumans zou dat echter niet meer meemaken.
Man van de Heuvels
leven
De rusteloze vrijzinnige natuur, die zich kort na zijn artistieke aanleg openbaarde 'dwong’ Hans Coumans al vroeg tot een ongebonden bestaan. De ‘beknelling van de bekrompen Sjinse stoel’ zorgde ervoor dat hij op jeugdige leeftijd – na twee jaar Ulo te Valkenburg en Ambachtsschool te Heerlen (met een diploma tot huisschilder) – een onstuimig vrijbuitersleven leidde. Tussen zijn vijftiende en negentiende levensjaar ondernam hij diverse langdurige (solistische) clandestiene trektochten door Europa – Aken, Heidelberg, Schwarzwald, Parijs, Spanje – terwijl zijn ouders geen idee hadden waar hun zoon zich ophield. In 1961 mocht hij het circusgezelschap Tony Boltini vergezellen bij hun tour door Duitsland, totdat de dienstplicht in 1962 abrupt een einde maakte aan zijn verworven vrijheden.
Na het leger bezocht Hans Coumans in 1963 de Stadsacademie van Jef Scheffers te Maastricht, maar vanwege de geldende stringente academische leer hield hij het hier vroegtijdig voor gezien; net als op het atelier van beeldend kunstenaar Charles Eyck, waar het ware meesterschap te lang op zich liet wachten. Om in zijn levensonderhoud te voorzien vestigde hij zich in deze periode als zelfstandig kunstschilder in het Geuldal en ontplooide hij zich aanvankelijk als (snel‐)portrettist en schilder van barokke Heuvellandtaferelen in de plaatselijke établissementen.
In 1965 lonkte de weidsheid van de polder en verbleef hij kortstondig binnen de Haarlemse studenten van de kunstacademie en daarna de Amsterdamse Provobeweging, maar de massahysterie in de hoofdstad deed hem na enkele maanden alweer terugkeren naar het Heuvelland. Een paar jaar later, in 1969, trok hij voor een half jaar naar Spanje om de Costa’s te verfraaien met talrijke muurtaferelen.

Terug in Valkenburg ontmoette Hans Coumans een oude vriendin uit zijn kindertijd Christine van Kempen, met wie hij kort daarna in 1970 in het huwelijk trad. De liefde voor haar betekende een beslissende positieve wending in zijn schilderscarrière; zij gaf hem het nodige zelfbesef en spoorde hem aan zijn diepgewortelde ambitie als serieuze schilder waar te gaan maken, ofschoon het afslaan van commerciële opdrachten een financieel onzekere periode inluidde. Na een kort verblijf in Binche (België) in 1974, verruilde hij in 1976 Valkenburg definitief met Nuth om zich tenslotte in 1981 te vestigen in Bingelrade, waar hij uiteindelijk in rustiger vaarwater kwam.

De laatste vijf jaar van zijn kunstenaarscarrière genoot Hans Coumans zowel artistiek als financieel succes. Hij stelde zijn atelier open voor onderricht en was gastdocent op de academie in Düsseldorf. De nationale opdracht in 1981 voor de vervaardiging van een staatsportret van Beatrix wees hij af, omdat hij immers zijn hele leven in opstand was gekomen tegen het establishment.
Na een zeer productieve periode met succesvolle exposities in 1984 en 1985, kwam op 16 november 1986 (als gevolg van een noodlottig auto‐ongeluk) plotsklaps een einde aan zijn leven.